Natuur

Als paddestoelen..

Het vreemde aan de Zweedse lente vind ik, dat deze het Zweedse volk een aantal maanden smachtend laat wachten. En dan heel plotseling, kort en intens voorbij schiet. De eerste maanden (maart, april, mei) lijkt de lente nooit te komen, maar dan ineens eind mei wordt het overdag zomers heet (in de zon makkelijk 30 graden!) en is het enige wat er nog op wijst dat het lente is, de vrieskou tijdens de nachten.

Binnen ongeveer een week tijd schiet dan de omgeving van dood-gelige-gras-kleuren en kale bomen naar een oase van verschillende frisse groentinten. En na twee weken tijd staan ineens de velden vol met fel gele paardebloemen welke opgevolgd worden door gele boterbloempjes, narcissen, witte onkruidbloemen, typisch Zweedse lentebloemen en dan aan het eind van die twee weken (misschien wel de derde week)  terwijl de seringes bloeien, staan ineens de lupines (voor mij een van de mooiste zomertekens in Zweden) in bloei.

Dagelijks wisselen verschillende geuren zich af en moet je voorstellen dat in bijna elke tuin wel seringes staan! Tijdens een wandeling worden dus alle zintuigen geprikkeld en kan de lente heel intens ervaren worden. Heel intens en kort. Want als de lupines eenmaal in bloei staan, is het eigenlijk al zomer. De dagen zijn dan gemiddeld warmer dan 20 graden, zon wordt (vooral in het begin) afgewisseld met frisse regenbuien, nachten zijn dan minder koud (en boven het vriespunt) en vogeltjes vliegen uit.

Zomer….

One Comment

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *