Bijna laatste oogst

Zo na de eerste nachtvorst, moest ik toch echt de mais van de planten gaan halen. En dan wonder boven wonder, blijkt er best wel veel mais aan te zitten. Iets wat normaal gesproken eigenlijk niet de kans krijgt om te groeien in Zweden omdat de zomer veel te kort is. Maar dit jaar mochten we van een lange nazomer genieten en hadden mijn maisplanten (die ik alleen zaaide omdat ik van het zaad af wilde!) veel geluk!

Nee, echte mais is het niet, maar minimais is ook lekker!

Ook oogste ik een boel Oost-Indische kers zaaddoosjes. Hier kan je namelijk een soort kappertjes van maken. Door 1 deel azijn en 1 deel water te koken met suiker en inmaakkruiden (naar keuze) er bij en vervolgens in een schoon potje over de zaadjes te gieten. Het potje laat je dan een paar maanden in de koelkast staan et voila! dan schijnt het lekker te zijn! 😉

Zalige zaterdag

Een perfect recept voor deze tijd van het jaar is wel het recept van de tomatenchutney die ik afgelopen weekend maakte. Makkelijk om het teveel aan tomaten weg te werken en het resultaat is nog lekker ook!

Wat heb ik vaak tomatenchutney op mijn vegan plakje kaas met glutenvrije boterham gegeten het afgelopen jaar! Vooral bij tosti trouwens, eg lekker!!

Tomatenchutneydsc_1524

 

  • 500 gram rode ui, fijn gesneden
  • 1 kilo tomaten, gehakt
  • 4 tenen knoflook, gesneden
  • 1 rode peper fijn gehakt
  • 4 cm gember fijngehakt
  • 250 gram bruine suiker
  • 150ml rode wijn azijn
  • 5 kardemom zaadjes
  • 0,5 eetlepel paprika poeder

Gooi alles bij elkaar in een pan en laat een uur lang zachtjes koken. Zet vervolgens het vuur wat hoger en roer door zodat het niet aanbrand. Als het geheel glanzend en jam-achtig begint te worden kan de pan van het vuur. Doe de chutney in schoongemaakte potten en laat het een paar maanden staan zodat de smaken goed uit kunnen komen.

Vooral met kerst is dit een leuk “culinair” weggevertje. Vaak heerlijk bij vlees (een luxe kerst gerecht), maar voor de vegetariers ook heerlijk bij pittige kaas (blauwschimmel). Zelf als vegan eet ik het graag bij andere pittige gerechten of op een vegan tosti.

Enjoy!

 

Winterklaar

De warmte is nog maar net uit de lucht, de herfst is af en toe te ruiken en we denken al bijna weer na over de winter.

Het aantal overvliegende ganzen is duidelijk geminderd, het aantal warme dagen neemt af en ook de temperatuur neemt langzaam af.

Daarintegen neemt de duisternis toe en wordt het wekelijks eerder donker en later licht. Wat gaat dat snel zeg!

Omdat we nog geen nachtvorst hebben gehad, kan het oogsten gelukkig nog even doorgaan. Snijbiet, andijvie, witlof, sperziebonen, tuinbonen, pompoenen, komkommers, tomaten, Oost-Indische kers, bieten, pastinaken, prei (en oneetbare bloemen) staan allemaal nog in de moestuin. En hier en daar mogen we flinke oogsten binnen halen.

Vooral de bonen doen het dit jaar erg goed. En daarom probeerde ik eens de bonen ouderwets te wecken. Gewoon de groenten koken in water, vervolgens de groenten in schoongemaakte potten doen en dan het kookvocht (eventueel met toegevoegd zout) in de potten gieten. Daarna de potten nog wecken natuurlijk. Dat doe ik gewoon in mijn oven.

Ik denk dat ik wel zo’n zes uur in de keuken heb gestaan, maar het resultaat mag er zijn: snijbonen, tuinbonen, verschillende soorten “sperziebonen”, pronkbonen klaar in potjes om de winter door te kunnen komen.

Daarnaast maakte ik komkommer in met 1 deel azijn, drie delen water en allerlei verschillende soorten kruiden en smaken: chilli, munt en chilli, basillicum en chilli, basillicum, basillicum en oregano en een inmaak-kruidenmix. Ziet het er niet prachtig uit?

Als laatste maakte ik een chutney van tomaten. Het recept lijkt me erg lekker, maar ik heb het nog niet kunnen proeven want het moet altijd een poosje staan zodat de smaken beter uitkomen.

Dat zijn een boel leuke kerstkleinigheidjes!

En kijk eens wat een mooie bloemen ik weer heb mogen plukken en wat ontzettend veel munt en korriander!!

Naast de kruiden hangt trouwens een bos droogbonen: borlotti. Hopen dat die goed worden.

En om de dag mooi af te sluiten, maakte ik een lekkere “rawfood” appeltaart. Welverdiend al zeg ik het zelf!

Zalige zaterdag

Nog nooit eerder had ik er van gehoord, maar een vriendin van me vroeg mij of ik samen met haar seringesiroop wilde maken. En daar kan ik natuurlijk geen nee tegen zeggen!

Ze nam een mand vol verse seringe DSC_0304bloemen met zich mee en ik kookte een pan met water en suiker. Nadat de suiker opgelost was, legde we de bloemen er in en omdat het recept ons er op wees dat er ook een citroen bij moest, deden wij dit ook.

Toen mocht de pan een paar dagen staan zodat de bloemen smaak in de siroop kon trekken en na aardig wat ruik, staar en roer momenten, mocht het goedje door een zeef gegoten worden om vervolgens in schone flessen bewaard te kunnen worden.

Zelf vond ik de siroop eigenlijk te zoet in verhouding met de bloemen smaak, maar volgend jaar (want de bloemen zijn inmiddels alweer uitgebloeid!) doen we gewoon weer een poging! DSC_0307

Zalige zaterdag

Het duurt even en vergt voornamelijk veel geduld, maar als het dan eenmaal klaar is om te eten… hmmmm!! Meer kan ik er niet over zeggen.

Kimchi.

Eerder maakte ik al eens twee hele potten vol met een mix van kool, wortel en eventueel andere ingredienten en groenten. Welke vervolgens net als zuurkool gaan fermenteren zodat er heerlijke smaken ontstaan. Maar nu, twee weken terug ongeveer, maakte ik een nieuwe “batch” omdat de potten van twee jaar geleden inmiddels leeggegeten zijn. Na twee weken tijd vond ik dat het wachten lang genoeg geduurd had en besloot ik een portie bij mijn rijstnoodles te eten. En wat is die goed gelukt zeg!! Deze smaakt net zo lekker als de Kimchi die ik laatst bij de Sushi besteld had. En dat voor een eerste keer!!

Dit gerecht is heerlijk bij warme en pittige thaise gerechten en curry. Vergelijkbaar met zoetzuur bij de bami en ook daarbij erg smakelijk trouwens! De chilli die er in verwerkt wordt, kan ik eigenlijk niet proeven (dus het wordt niet te pittig), maar ik kan wel aanraden om de wortel wat dunner te snijden (of schaven). Een volgende keer zou ik ook de kool gewoon in kleine stukjes snijden zodat alles wat makkelijker te eten is. Maar, jemig wat is het toch lekker!!

Kimchi (vegan!)DSC_0439

  • 1 chinese kool
  • 2 liter water
  • 200 ml zout (zonder jodium)
  • 2 eetlepels koreaanse chilli poeder “gochugaru” (of gewone chilli zoals ik heb gebruikt)
  • 6-8 teentjes knoflook, fijngehakt
  • 5 cm gember, geraspt
  • 1 vel nori, fijngeknipt (kan je weglaten)
  • 1 theelepel agave siroop
  • 1/2 wortel fijngehakt of geraspt
  • 3 cm daikon (of radijs) geraspt of fijngehakt
  • 3 bosuitjes, gesneden

Zorg dat je handen en de spullen die je gebruikt goed schoon zijn en de pot gesterriliseerd. Snij de chinese kool in de lengte door (door de kern heen) in vieren. Doe dan in een kom met het water waar de zout goed doorheen gemengd moet zijn. Zorg dat de kool onder water ligt en dek af met folie. Laat 2-3 uur staan.
Mix de chilli, knolfook, gember, nori en siroop door elkaar en voeg de wortel, daikon/radijs en bosuitjes er aan toe.
Haal de kool uit het water en gooi het water en de zout weg. Spoel de kom goed om en doe de kool er in met de kruidenmix. Masseer de kruiden zachtjes in de kool zodat deze goed bedekt is met de mix. Rol dan de kool zo goed mogelijk op en doe in een schone pot. Giet eventueel restjes van de kruidenmix eroverheen. Duw de kool strak aan in de pot zodat er geen luchtbellen meer zitten en laat dan de pot afgedekt met een schone theedoek of keukenpapier, bij kamertemperatuur staan. Na twee dagen is de kimchi klaar om te eten, maar hoe langer deze staat hoe lekkerder de smaak. Het moet zuur ruiken.
De kimchi is tot wel 6 maanden te bewaren in de koelkast.

Enjoy!!

Pompoen puree

Langzaam maar zeker begin ik steeds meer gewend te raken aan ons boeren leventje. Natuurlijk niet echt boers, maar ik vind het leuk om het zo te noemen want hoe langer we hier zitten, hoe landelijker alles wordt.

We proberen zoveel mogelijk dingen zelf te maken en te verbouwen. Groenten en fruit in onze eigen tuin, paddestoelen in de paddestoelen-groei-centrale (leuke zelfverzonnen naam he!), en als het even mogelijk is doen we aan ruilhandel met als gevolg een hele, geslachte kalkoen, een hoop mest, kakelverse eieren of een pot vol gedroogde paddestoelen.

En natuurlijk is er nog veel meer wat we zelf maken (voortkomend uit alle zelfverbouwde groenten en fruit). Jam, saus, limonade, sap, chutney en ook allerlei baksels of gedroogde waren.

Het enige wat eigenlijk nog ontbreekt is eigen vlees (varken, kip, geit, schaap, kalkoen, gans) en zuivel (koe, geit, schaap) om dan zelf weer kaas van te maken.

Maar zo hard zal het niet gaan lopen. We zijn (voorlopig) niet van plan om vee in onze tuin te laten lopen. Kippetjes zou ik wel graag willen (er staan immers al twee hokken in de tuin!) omdat dit me gezellig lijkt. En een schaapje voor de wol misschien?

Maar dieren voor de eigen slacht hoef ik niet. Dan eet ik liever plantAARDIG!

Maargoed. Nu terzake!
Ik wilde namelijk vertellen over de grote hoeveelheid pompoenen die ik dit weekend “geslacht” heb. Ik noem het altijd slachten omdat het aansnijden van een pompoen niet geheel zonder gevaren is. Met een scherp mes moet je zo’n log ding te lijf gaan en dat is niet de makkelijkste klus die er is. Gelukkig heeft Wico me geholpen om het grootste monster uit te schakelen. En bij een grote hoeveelheid pompoenen, hoort ook een grote hoeveelheid pompoen “vruchtvlees”. Al dit vruchtvlees heb ik omgetoverd tot pompoenpuree netjes verpakt in potjes. Ideaal voor als ik even vlug een pompoensoepje wil maken, een lekkere saus of zelfs een pompoentaart of cake. En veel makkelijker dan als ik een verse pompoen op mijn aanrecht heb liggen want die moet ik in de gaten houden en kan niet te lang blijven liggen. De puree daarintegen, zet ik netjes met naam en datum in de aardkelder en ik hoef er voor de rest van het jaar niet meer naar om te kijken tot ik het wil gebruiken. Ideaal!

En hoe maak je pompoenpuree?

  • Pompoen schoongemaakt in stukjes gesneden, eventueel geschild en ontdaan van zaad en oneetbare delen
  • water
  • flinke pan
  • brandschone potten

Kook de pompoenblokjes in een klein laagje water tot alles goed gaar is (zacht als een gekookte aardappel). Laat afkoelen (of niet als je potten nog warm zijn van het steriliseren) en schep in de potjes.

Wil je nog zekerder zijn van de sterilisatie-situatie, dan kan je de potten met inhoud nog even in de weckpot zetten. Mocht je geen weckpot hebben dan kan je gebruik maken van een grote pan met een laag water er in of (zoals ik) de oven. Ik plaatste mijn potten in de oven op 175 graden. Zette de oven uit op het moment dat de inhoud van de potten kookte en liet de potten in de oven langzaam afkoelen. Ik heb me niet helemaal gehouden aan de voorschriften van de reacties op deze blog maar omdat ik mijn oven goed ken (deze blijft nog lang warm o.a.) en deze methode eerder uitgevoerd heb, weet ik dat het wel gaat goedkomen met mijn pompoenpureetjes en dat ik daar van de winter heerlijke soepjes van ga maken.

En mocht je wat inspiratie nodig hebben “wat te doen met pompoen?”, kijk dan vooral eens verder op mijn blog (er is een zoekfunctie!) of op de recepten site van Appie Heijn!

Enjoy!

Zalige zaterdag

Hoewel ik dit jaar geen bruikbare bietjes heb kunnen oogsten, heb ik toch een boel bietjes ingemaakt. Waar deze vandaag kwamen? Gewoon uit mijn aardkelder waar ik ze vorig jaar na het oogsten goed heb opgeborgen. Verbaasd? ja, dat was ik ook. Nooit gedacht dat bietjes zo lang goed konden blijven. Wat bof ik toch met de aardkelder!

Ingemaakte rode bieten

  • 3 kilo rode bieten
  • 225 ml witte azijn
  • 150 gr suiker
  • 3 uien, in kwarten
  • 3 teentjes knoflook, gehalveerd
  • 1 eetlepel zout
  • 3 laurierblaadjes
  • 7-8 pimentbessen
  • 3-4 zwarte peperkorrels
  1. Leg de bieten in een grote pan en bedek ze met water. Doe de deksel op de pan, breng aan de kook, zet het vuur lager en laat 1 uur sudderen tot ze zacht zijn. Giet af en zet opzij.
  2. Meng ondertussen de overige ingrediënten in een pan. Breng aan de kook en laat 10 minuten zachtjes sudderen. Zeef en vang het vocht op in een kom en zet opzij. Gooi de opgevangen ingrediënten weg.
  3. Schil de bieten zodra ze wat zijn afgekoeld. Rasp ze grof. Roer de geraspte bieten door het gezeefde azijnmengsel en zet afgedekt 12 uur opzij.
  4. Vul gesteriliseerde potten met het bietenmengsel, laat ongeveer 5 mm tot de rand vrij. Dek af met gesteriliseerde deksels.
  5. Leg een theedoek onderin een grote pan. Zet de potten op de theedoek en vul de pan dan met water, tot net onder de deksels. Doe de deksel op de pan en breng aan de kook, laat 10 minuten koken. Bewaar ongeopende potten op een donkere, koele plek. Zodra ze geopend zijn, moet je ze in de koelkast bewaren.

Mijn potjes staan inmiddels in de aardkelder. Waar ze nog lang en gelukkig kunnen blijven staan!

Zalige zaterdag

Sommige dingen horen voor mij echt bij de lente. De vele voorjaarsbloemen (die hier helaas pas maanden later bloeien), de speciale geur in de lucht en zo ook rabarber. Rabarber is een van de dingen waar ik eind februari echt naar kan smachten. En wacht dan nog maar eens tot al die (nog op Hollandse tijd lopende) verlangens bevredigd kunnen worden!

Een van die dingen: de rabarber, kreeg ik laatst van een collega. Joekels van stelen, waar ik niet eens mijn hand omheen kon klemmen. En niet een paar gram, nee gelijk 10 kilo!! Dus wat deed Maaike? juist! koken!!!

Ik zocht een recept op voor aardbeien-rabarberlimonade en had hiervoor zo’n 300 gram nodig. De rest heb ik schoongemaakt, gesneden en ingevroren om later nog ander lekkers van te maken. En na wat koken en rommelen en doen, had ik een heerlijke limonade plus (van de resten) een aardbei-rabarber-frambozenmoes tevoorschijn getoverd.
De limonade is heerlijk op een warme zomerdag met wat prikwater en de moes kan op allerlei manieren gebruikt worden. Zelf zit ik eraan te denken om het komende barbecue te gebruiken als vulling in een crumble met daarop een bolletje vanille ijs. Klinkt lekker toch?

Aardbei-rabarber limonade

  • 300 gram rabarber in stukjes gesneden
  • 250 gram aardbeien (uit de vriezer mag ook)
  • suiker naar smaak
  • eventueel sap van limoen of citroen

Kook de rabarber in een klein laagje water tot deze goed zacht is. Voeg vervolgens de aardbeien toe en roer goed door tot alles tot moes gekookt is. Haal vervolgens alle moes door een zeef (eventueel zo’n ouderwets systeem van een grote theedoek die je ophangt aan een keukenkastje tot alles uitgedruppelt is). Als je alle sappen opgevangen hebt (je kan het geheel gerust een nachtje laten uitdruppelen), breng je het in een pan aan de kook en voeg je naar smaak suiker toe. Laat koken tot de suiker opgelost is en voeg als laatste eventueel nog wat sap van citroen of limoen toe (en proef of het nog steeds lekker is). Ik maak dit soort dingen voornamelijk op eigen smaak dus qua hoeveelheden moet je echt zelf proberen te proeven en gokken.
Als de suiker opgelost is kan je het sap nog wat in laten koken als je een echte siroop wil, maar ik heb het gelijk in schone flessen gegoten. Later kan je dan zelf uitmaken in hoeverre je het sap wil oplossen in water. Ik denk dat ik mijn limo maak met een verhouding van 40-60 limo-water.

Voor de moes heb ik de overblijfselen uit de zeef in een pan gedaan, wat limonade toegevoegd en ook frambozenlimonade en water zodat het geheel goed door te roeren is. Hier heb ik nog suiker aan toegevoegd (op smaak) en vervolgens even aan de kook gebracht en in schone potten gedaan. Het resultaat is een dikkige substantie die mij perfekt lijkt voor taartvulling of lekker in een bakje yoghurt of met wat ijs.

Heerlijk al dat lekkers in huis!

Enjoy!!

Tomatendromen

Blij na de ontdekking dat mijn zaaigoed eindelijk boven aan het komen is, zit ik in mijn luie stoel bij een knetterend haardvuurtje.
De afgelopen dagen heeft af en toe de zon geschenen, maar is voornamelijk veel regen gevallen. Goed voor de natuur buiten, maar minder goed voor iedereen die naarstig naar zon en zomer snakt. En hoewel we vergeleken met voorgaande jaren voor lopen, is iedereen er enorm aan toe om lekker dat zonnetje op de huid te voelen.

Zo ook mijn moestuin overigens. De meeste planten hebben namelijk wat meer zon en warmte nodig om uberhaupt al te kunnen ontkiemen. En aangezien ik dit jaar erg laat ben, kan het me niet snel genoeg gaan! 🙂

Gelukkig heb ik van de week een boel tomatenplanten van mijn sportbuddy D. gekregen, maar liefst 40 stuks! Een gedeelte heb ik gelijk aan E. gegeven, die zei dat ze zou wachten tot ze van mij planten zou krijgen (zoals gebruikelijk). 😀

Tomatenplanten, tomaten… niets doet me meer uitkijken naar de zomer dan het vooruitzicht van verse tomaten uit eigen tuin. Warm van de zon, zoet en sappig op een Zweeds knäckebrödje met oude Hollandse kaas. Wie wil dat nu niet?
Stiekem ben ik tegelijkertijd een beetje bang dat de tomatenoogst net als voorgaande jaren zal mislukken en ga ik allemaal maatregelen nemen om dit te voorkomen. Maar ik besef me ook dat ik daar gewoon niet bang voor moet zijn. Want “if life gives you lemons, make lemonade”. Als mijn tomatenoogst ook dit jaar mislukt, maak ik gewoon weer groene tomatenchutney: heerlijk in combinatie met vlees, maar nog lekkerder op een toastje met blauwschimmelkaas, een plak pittige Cheddar of een heerlijke extra oude Hollandse kaas.

Vandaag nog werd me gevraagd wat mijn “geheime” recept was van dit heerlijke goedje. Dus bij deze! (het recept komt uit Landleven en is een van de vele recepten die ik afgelopen jaar uitgeprobeerd heb nadat ik zo’n 20 kilo groene tomaten moest oogsten)

“If life gives you unripe tomatoes, make tomato chutney!”

Groene tomatenchutney23 kilo groene tomaten

  • 500 g appels (uit eigen tuin!)
  • 2 uien
  • 2 tot 4 teentjes knoflook
  • 6 tot 8 cm verse gember
  • 300 ml appelazijn
  • 1 kg groene, onrijpe tomaten
  • 250 g bruine suiker
  • 150 g gewassen rozijnen
  • 1 el zout

Schil de appels, snijd ze in vieren, verwijder het klokhuis en snijd de appels in kleine blokjes. Pel de uien en de knoflook, schil de gember en snijd deze Ingrediënten: klein. Meng appels, uien, knoflook en gember en laat tien minuten koken met de azijn. Snijd de tomaten in grote stukken. Doe deze met de suiker, de rozijnen en het zout bij het appelmengsel en laat dit veertig tot vijftig minuten op een laag vuur koken tot de chutney dik en vloeibaar is geworden. Roer tijdens het koken regelmatig. Schenk de chutney in schone, gesteriliseerde glazen potten en sluit ze direct. Zet ze op de kop weg en laat afkoelen.

Enjoy!